2.21. Hanne

Toen Hanne en ik nog collega’s waren gingen we elke dinsdag en donderdag tijdens de lunchpauze in het stadspark wandelen. Die wandelingen mis ik. Het bedrijf, de andere collega’s en het werk mis ik niet. Hanne kan zich vandaag, op een zaterdag nog wel, een uurtje onttrekken aan haar gezin. Ik ben haar dankbaar. We… Lees verder 2.21. Hanne

2.20. Nic

‘Je overvalt me,’ zeg ik tegen Nicolas. ‘Dat heb ik van jou geleerd,’ antwoordt hij, ‘alleen geef ik jou wat meer bedenktijd, want ik ben nog niet onderweg.’ Ik hoor hem glimlachen en ik moet zelf ook lachen om zijn gevatheid. ‘Ik zou het echt fijn vinden als je een keertje naar Antwerpen komt,’ zeg… Lees verder 2.20. Nic

2.19. River

Kiki heeft citroentaartjes van Le Pain Quotidien meegebracht en ik begin er voorzichtig aan. Mijn maag is nog kieskeurig. ‘Hoe zit dat nu met River?’ vraag ik, na twee zuinige hapjes. Kiki heeft haar mond vol. ‘Eerst jij,’ zegt ze. ‘Wat ik?’ vraag ik. ‘Wat je in Trescases hebt gedaan.’ ‘Dat heb ik toch gezegd?… Lees verder 2.19. River

2.18. Ziek

Dit is me nog niet dikwijls overkomen: ik ben zo ziek geweest dat het lijkt alsof er een hele week uit mijn bestaan is weggeknipt. Het begon toen ik thuis aankwam. Alsof mijn lichaam zo verstandig was om te wachten tot ik in een veilige omgeving was, in mijn eigen vertrouwde badkamer, om te beginnen… Lees verder 2.18. Ziek