2.15. Romance

Zes dagen lang heeft onze romance geduurd. Zondag regende het en hebben we de hele dag in bed doorgebracht. De andere dagen zagen we elkaar afwisselend bij haar of bij mij, na halfvier als ze gedaan had met werken. Af en toe maakten we een korte wandeling in Trescases en we zijn nog twee keer gaan zwemmen, maar het grootste deel van de tijd zaten of lagen we bij elkaar, babbelden we, vreeën we, aten lichte hapjes, dronken gekoelde rosé, of sliepen we.

Om vijf uur liep de wekker af en om halfzes was Louise de deur uit. Dan begon voor mij een lange dag van wachten en aftellen tot ze rond halfvier thuis kwam. Om de tijd te doden, ruimde ik mijn of haar huis op, deed boodschappen, belde af en toe naar Barbara of Kiki, stuurde ik e-mailtjes naar Hanne en kookte ik eenvoudige gerechtjes die we ’s avonds koud of opgewarmd aten. Aan Hanne vertelde ik bijna alles, aan Barbara en Kiki de helft.

Kiki was heel nieuwsgierig en stelde vragen, Barbara veranderde steeds weer van onderwerp en Hanne was vooral geïnteresseerd in wat ik zoal kookte.  Toen ik vertelde dat ik clafoutis van abrikozen en fruitijsjes had gemaakt, drong ze erop aan dat ik de recepten noteerde en naar haar doorstuurde.

Het was fijn. Het was echt fijn. Zolang we samen waren genoot ik van alles, van haar, van haar vrolijkheid, van het vrijen, van het babbelen en lachen en het samen eten en drinken en het samen slapen. Martin leek van de aardbol verdwenen, hij liet zich niet horen of zien, ik vroeg niet naar hem en Louise begon er niet over. We leefden in een roze wolk. Tenminste in de uren dat we samen waren. Overdag begon ik soms te piekeren, over ons leeftijdsverschil, over onze uiteenlopende levens, over Martin, over mijn verliefdheid. Want het was duidelijk, ik was en ik ben nog steeds verliefd op Louise. En ik ben jaloers op Martin, en ik vraag me voortdurend af wat Louise voor mij voelt en of ze dit wil verder zetten en hoe dan?  Als ik er voorzichtig over probeerde te praten, bleef zij herhalen dat we van het moment moeten genieten.

Maar mijn verliefdheid doet pijn. Ik weet hoe ik in elkaar zit, ik hecht me. Ik ben bezitterig. Ik wil haar alleen voor mij. Ik wil haar meenemen naar België of ik fantaseer erover om hier in de streek te komen wonen. En dat is niet wat Louise wil. Zij wil beminnen, genieten en tegelijk vrij zijn.

Daarom ben ik weggegaan. Ik moest toch na een week uit het vakantiehuis en ik wilde niet intrekken bij Louise. En ik denk dat zij dat ook niet wilde. Ze reageerde gemengd op mijn beslissing om de huurauto in te leveren en een treinticket richting België te kopen. Ik moest haar beloven dat ik over een paar weken terug zou komen.

In het station van Perpignan zou ik een ticket tot Brussel-Zuid kopen. In de rij naar het loket, haalde ik mijn telefoon uit mijn handtas en belde naar Nicolas. Even later kocht ik een kaartje voor Toulouse.

 

Deze keer had Nicolas niet geaarzeld. Onderweg van de bushalte naar zijn huis, zei hij dat hij mij verwacht had. Alleen niet zo snel. Hij had gedacht dat ik een tijdje in Noord-Spanje zou rondreizen, maar ik bekende dat ik niet eens tot in Figueras geraakt was.

Zo gauw we bij hem thuis waren vertelde ik hem het hele verhaal. Het stuk over Laura liet ik voorlopig weg, maar ik vertelde wel dat ik Louise twee jaar geleden al ontmoet had, dat ik haar in de loop van mijn vakantie beter leren kennen had en dat we toen een keer in bed waren beland. Dat ik haar in het begin van het jaar teruggezien had en dat ze toen voorgesteld had om copines de lit te worden.

‘Ken jij dat?’ vroeg ik aan Nicolas, ‘wij noemen dat friends with benefits. Tenminste, dat heeft mijn kleindochter mij geleerd.’

Nicolas knikte.

‘Ik heb daar niks tegen,’ zei ik, ‘maar het is niets voor mij. Ik hecht me aan mensen die lief voor me zijn.’

Tot mijn schaamte schoten de tranen mij in de ogen. Ik zocht een zakdoek en depte mijn ooghoeken. Nicolas keek me weer aandachtig aan. Toen ik dat merkte, rolden er opnieuw tranen over mijn wangen.

‘Merde,’ zei ik, ‘ik wil niet huilen.’

‘Je mag, hoor,’ zei Nicolas. Hij stond op en ging een glas water halen.

Toen ik gekalmeerd was stelde Nicolas voor een wandeling te maken naar een park in de buurt. Daarna gingen we eten in een klein restaurant waar hij blijkbaar vriend aan huis was. De eigenares vroeg naar David. Nicolas zei dat hij het goed stelde, dat hij de zomermaanden aan de kust doorbracht. Aan tafel vertelde ik het incident met Léa.

‘Sindsdien ben ik wat voorzichtiger met drank,’ zei ik, ‘Het was toch ergens goed voor.’

Maar van de twee glazen wijn die ik bij het eten dronk, werd ik opeens erg loom. Nicolas zag het en hij stelde voor om naar huis te wandelen en maar niet te laat te gaan slapen.

Ik nam een douche en installeerde me dankbaar in het grote logeerbed. Toen werd er op de deur geklopt.

‘Oui,’ zei ik, en ik ging rechtop zitten. Ik droeg alleen een T-shirt en een slipje en ik trok het laken een beetje hoger.

Nicolas was in grijs-wit geruite pyama. Hij kwam de kamer binnen.

‘Mag ik bij jou komen liggen?’ vroeg hij.

Ik kon alleen maar ‘…euh’ uitbrengen. Hij kwam op de rand van het bed zitten.

‘Alleen als jij het wil,’ zei hij, ‘ik wil me niet opdringen.’

Ik twijfelde. Het was verleidelijk. Nog niet zo lang geleden had ik in ditzelfde bed gefantaseerd dat hij in het donker naast mij zou komen liggen. Het was minder romantisch dan in mijn fantasie, hij vroeg het en hij wilde mijn uitdrukkelijke toestemming. Opeens voelde ik iets van wantrouwen.

‘Nicolas, heeft mijn verhaal over Louise jou soms  …euh warm gemaakt?’ vroeg ik.

‘Een beetje wel,’ gaf hij toe. ‘Ik vind het best opwindend om mij jou en Louise voor te stellen.’

‘Maar,’ zei hij, ‘denk nu niet dat ik meteen met jou naar bed wil. Ik voel me eigenlijk nog een beetje onzeker over mijn lichaam. Ik weet niet of alles nog goed werkt.’ Hij werd een beetje rood toen hij dat zei.

‘We kunnen toch gewoon gezellig naast elkaar liggen?’ zei hij.

Ik zat nog steeds rechtop in bed te twijfelen. Uiteindelijk sloeg ik de punt van het laken weg.

‘Oké,’ zei ik, ‘maar alleen gezellig bij elkaar liggen.’

Hij kroop onder de lakens en bleef een paar tellen op zijn rug liggen. Hij glimlachte voor zich uit. Zijn snor bewoog mee. En dan die kuiltjes in zijn wangen.

‘Bonne nuit,’ zei ik. We gaven elkaar een kus en ik deed het licht uit. We draaiden ons elk naar de andere kant, maar het bed helde een beetje naar het midden en we schoven naar elkaar toe. Ik voelde zijn stevige rug.

Na een tijdje begon Nicolas te snurken en was ik weer klaarwakker. Mijn telefoon op het nachtkastje trilde.

‘Bonne nuit, ma puce’ stond er, en drie hartjes.

Ik stuurde ook een goedenacht met maar één hartje.