41. Labels

Kiki staart me met grote ogen aan.

‘En toen?’

‘En toen … zijn we naar Trescases gereden.’

‘En daar?’

‘En daar … hebben we gevreeën.’

‘Wat? En jullie doen alsof er niets gebeurd is? Ik heb helemaal niet gemerkt dat jullie…’

‘Dat komt door mij. Toen ik hier aankwam in januari was Louise met vakantie. Na een paar weken was ze terug op post. Ze heeft toen een paar keer contact gezocht, maar ik hield dat af. Daarna ben ik haar in de supermarkt tegengekomen, met haar moeder. We hadden het toen over een visverkoopster in de Super-U die daar niet meer werkte, enfin, lang verhaal …

Een paar dagen later is Louise een kopje koffie komen drinken en toen speelde ze het spel mee, we deden alsof er niets gebeurd was.’

‘Hebben jullie daar dan nooit over gepraat?’

‘Nee, want de dag nadat we euh… gevreeën hadden kwam Louise de post niet brengen. Ik dacht dat ze er spijt van had, ze had immers een vriend. Ik heb toen mijn koffers gepakt en ik ben naar België gereden.’

‘En je hebt al die tijd geen contact met haar gehad?’

‘Nee, we hadden geen nummers uitgewisseld.’

‘Ze had je nummer aan Marie-Claire kunnen vragen.’

‘Dat heeft ze niet gedaan.’

‘Wat raar …,’ zegt Kiki. ‘En dan zeg jij tegen mij dat je de dingen moet uitpraten! Dus, dus…, jij bent ook bi!’

‘Ik? Ik ben helemaal niks. Moet ik nu per se een label krijgen omdat ik een keer met een vrouw heb gevreeën?’

‘Nee, je hebt gelijk, labels daar doen we niet meer aan. We zijn gewoon wie we zijn. Dat zei jij toch?’

Ze trekt haar benen op, vouwt haar armen om haar knieën en kijkt naar het water. Ze glimlacht stil voor zich uit. Dan zie ik haar mondhoeken meer en meer naar omhoog krullen. Opeens verbergt ze haar gezicht in haar handen en hoor ik haar gedempt lachen.

Ik schud aan haar arm.

‘Je lacht met mij,’ zeg ik.

‘Ja, sorry hoor, ik stel mij jullie voor.’

‘Vind je dat dan belachelijk?’

‘Nee, nee… echt niet…’, maar ze begint steeds harder te lachen.

‘Kom, we zijn hier weg,’ zeg ik. Ik raap onze spullen bij elkaar en maak aanstalten om naar de uitgang van het park te lopen.

‘Nee, nee, wacht! Blijf hier!’ roept Kiki, ‘We gaan dit uitpraten. Ik bedoel… jij moet dit uitpraten met haar!’ zegt ze.

‘Ik moet niks,’ zeg ik, ‘Kom we zijn hier weg.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s